Peña Al Andalus
 

Nina Perez -Danscurriculum

Nina zette haar eerste danspasjes op 4-jarige leeftijd in het zuiden van Spanje. Sindsdien groeide Nina op in de mysterieuze flamencowereld van haar ouders.

Haar moeder Ana Ramón, flamencodanseres en sinds 1985 artistiek directrice van Peña Al Andalus in Antwerpen en haar Andaloesische vader Antonio Perez Martin, die vooral de Spaanse cultuur hier in België vertegenwoordigt. Pas op haar veertiende werd Nina echt gebeten door de flamencomicrobe, waarna een jarenlange studie van liefde, discipline en passie begon. Zij kreeg haar opleiding in het Flamencocentrum van Ana Ramón te Antwerpen.

Tegelijkertijd volgde ze de afgelopen jaren in Spanje talrijke stages in de meest belangrijke flamencocentra van Jerez, Madrid en Sevilla bij grote meesters zoals :

Eva La Yerbaguena , Mercedes Ruiz, Belen Maya, Rafaela Carrasco, Antonio El Pipa, Maria del Mar Moreno, La Chiqui de Jerez,  Angelita Gómez,  Javier Latorre, Juana Amaya, EL Guito, Eliser La Truco,  Bettina Castaño, Inmaculada Aguilar, Manuel Betanzos, Angel Atienza, Isabel Bayon, Angelita Vargas, Alicia Marquez , Adela Campallo, Rafael Campallo,  Carmen Ledesma, Pilar Ogalla , Pastora Galvan,...

Maar haar grootste voorbeeld en referentiepunt blijft haar bloedeigen moeder Ana Ramón met wie ze tot op vandaag samen optreedt en choreografieën uitwerkt.
Samen met hun gezelschap treden ze regelmatig op in theaterzalen en culturele centra in België en Nederland. Ook werken zij jaarlijks mee aan het interculturele Spaans festival Feria Andaluza en Fiesta Flamenca !

Een keerpunt in 2000: Nina wint als 17-jarige de Eerste Prijs van de Internationale Flamencowedstrijd in Antwerpen waardoor ze een maand lang in Sevilla verblijft om stages te volgen.

Ze werkte mee als flamencodanseres aan de productie van Belle Perez, “Baila Perez en teatros”, waarmee ze door volle zalen in heel Vlaanderen toerde.

Dan gaf ze 2 jaar lang flamencolessen aan de bekende dansschool "Move" in Aalst waar ze ook meewerkte aan een Recital.

Tevens volgde ze nog "Klassiek Spaans" met castagnetten bij “José y Fernando”  waarmee ze samen in hun "Ballet Clasico" optrad.

Ondertussen volgde ze enkele maanden lang talrijke lessen in het bekende Conservatorio de Danza "Amor De Dios" en "Casa Patas" in Madrid, plus nog een intensieve cursus “Interpretacion al Flamenco” waar het accent ligt op emoties, interpretatie en overbrenging.

Maar Nina wilde meer…

Tijdens het jaar 2007-2008 verlaat Nina het regenachtige België en vertrekt ze naar het mooie, warme Sevilla om één van haar grootste dromen waar te maken.
Een jaar lang flamenco studeren in Triana, de eeuwenoude flamencowijk van Sevilla.
Ze studeert er aan de bekendste flamencoschool “Academia de flamenco Manuel Betanzos”  en “Ados” olv Isabel Bayon.
Het wordt een boeiende tijd van hard werken, studeren, dansen, analyseren, voorstellingen zien en contacten leggen.
Tot op vandaag keert ze regelmatig  terug naar haar Andaloesische roots om zich verder te verdiepen in deze boeiende levensstijl “Flamenco”…

Begeesterd door Flamenco

Verder leende ze haar medewerking aan tv-programma’s zoals :                                            
Vlaanderen Boven,  Afrit9,  Sketch à Gogo met Stany Crets en Peter van den Begin, Man Bijt Hond, Witte Raven, F.C. de Kampioenen, de Modeacademie van Antwerpen...

INTERVIEW UIT FEELING (MEI 2005)

“Ik heb de dubbele Spaans-Belgische nationaliteit. Mijn moeder is Belgische van Spaanse afkomst, en een bekende flamencodanseres. Mijn vader is een rasechte Spanjaard en speelt flamencogitaar. Al van toen we nog peuters waren, namen mijn ouders mijn broer en mij mee als ze op tournee gingen. Ze richtten hier in Vlaanderen een peña op, dat is een flamencovereniging en -dansschool. Vooral mijn vader heeft altijd de behoefte gehad om heel dikwijls terug naar Spanje te gaan. Elk jaar brengen we twee tot drie maanden door bij familie en vrienden in Andalucia, de bakermat van het flamenco. Flamenco is altijd sterk aanwezig geweest in mijn omgeving, maar toch hebben mijn ouders me nooit gedwongen om in hun voetsporen te treden. Toen ik vier jaar was, leerde ik de Sevillanas, een typische dansstijl uit Sevilla en maakte ik kennis met flamenco. Maar eigenlijk werd ik pas rond mijn veertiende gebeten door de microbe. Flamenco is niet zomaar een hobby die ik twee keer per week uitoefen. Het is een levensstijl : elke dag ben ik met de muziek bezig, elke dag denk ik na over nieuwe dansvormen, nieuwe choreografieën. Flamenco is veel meer dan danspasjes en techniek. Het is een beheksing. Als ik op het podium sta, onderga ik als het ware een transformatie. Het is niet een rol die ik speel. Het is niet acteren. Het is voelen, de muziek interpreteren en beleven. Je inleven in het verhaal van de muziek, tot wanneer je het magische duende bereikt : het moment van begeestering waarbij je de fysieke vermoeidheid vergeet en jezelf overstijgt. Flamencomuziek is een reis door onze emoties, met ups en downs : van de vrolijke, speelse alegrias tot de soleares, zwaardere stukken over verdriet en eenzaamheid. Ook de invloeden uit rock en jazz, de flamenco fusion, houden het boeiend en afwisselend. Maar de authentieke flamenco blijft voor mij de mooiste. Zeker wanneer hij spontaan ontstaat : als vrienden in Andalucia hun gitaar bovenhalen, wordt er vaak tot midden in de nacht ongeremd gezongen en gedanst.”